5.7. In, out en at the money

“In the money”, “Out of the money” en “At the money” zijn veelgebruikte termen in de optiehandel. Belangrijk is dat u deze goed begrijpt. We leggen het uit aan de hand van 3 voorbeelden.

“In the money”

Karel heeft een call optie op ING of het recht om ING te kopen aan een welbepaalde prijs. De strike (uitoefenprijs) is € 8. De huidige koers is € 9,34. Als Karel dus nu de optie uitoefent, kan hij ING goedkoper kopen dan de huidige koers. De optie biedt dus een “direct” voordeel en is “in the money”.

“At the money”

Eric kocht een put optie op Royal Dutch met uitoefenprijs € 25. Deze optie geeft hem het recht om Royal Dutch aandelen te verkopen aan € 25. De huidige koers is echter eveneens € 25. Deze optie is momenteel “At the money”.

“Out of the money”

Anne kocht een call optie op het aandeel Alphabet, beter gekend als Google. De call optie heeft een uitoefenprijs van $ 1.100. De koers van het aandeel daalde tot $ 1.025. Het heeft dus geen zin dat Anne deze optie uitoefent, daar zij de aandelen goedkoper op de beurs kan kopen. De optie is hier “out of the money”.