5.2. Opties “Amerikaanse” of “Europese stijl”?

europa-versus-america

Er zijn 2 “optiestijlen”: Amerikaanse stijl en Europese stijl. Het is belangrijk om de verschillen goed te kennen.

Opties Amerikaanse stijl

De term “Amerikaanse stijl” bij opties heeft niets te maken met geografie maar eerder met voorwaarden in het optiecontract. Optiecontracten hebben een vervaldag, waarop de houder van een contract aandelen kan kopen (call) of verkopen (put). Bij opties “Amerikaanse stijl” heeft de houder eveneens het recht om de opties voor de vervaldag uit te oefenen. Dit kan een voordeel inhouden. 

Belangrijk: de meeste opties op aandelen, Amerikaans en Europese, zijn “Amerikaanse stijl” opties. Deze kunnen dus op ieder moment uitgeoefend worden.

Bijvoorbeeld:

De koers van het aandeel Royal Dutch noteert € 22. Erik kent de oliesector goed en meent, dat het aandeel ondergewaardeerd is. Hij wil een grote positie van 1.000 aandelen kopen maar beschikt momenteel nog niet over de nodige fondsen. Hij verwacht een mooie som te ontvangen binnen het jaar.

Hij koopt alvast 10 opties op Royal Dutch met een uitoefenprijs € 22 en een vervaldag binnen de 12 maand.

7 maand later beschikt hij over de som. Royal Dutch steeg ondertussen door tot € 27,10. Hij oefent zijn call optie voortijdig uit en koopt de 1.000 aandelen Royal Dutch aan € 22 aan.

Welke opties zijn Amerikaanse stijl?

Aandelenopties zijn doorgaans Amerikaanse stijl, dit zowel voor opties op Europese en Amerikaanse aandelen.

Opties Europese stijl

De houder van een optie “Europese stijl” kan – in tegenstelling tot opties “Amerikaanse stijl” zijn recht om aandelen te kopen of te verkopen aan de vooropgestelde prijs enkel uitoefenen op de vervaldag zelf. 

Belangrijk: De meeste opties op indices, valuta of grondstoffen zijn opties “Europese stijl” . Dit betekent, dat je deze optie niet kan uitoefenen. Op de vervaldag wordt de optie financieel verrekend.

Bijvoorbeeld:

Anke koopt een weekoptie op de AEX index. Zij koopt het recht om de AEX te kopen aan  515. De onderliggende waarde is dus de Nederlandse beursindex AEX. De hoeveelheid is 100. De waarde van het optiecontract is dus 100 x € 515 = € 51.500.

Op het einde van de week vervalt de optie. De koers van de AEX is 516. Anke ontvangt 100 x (516 – 515) = 100 x € 1 = € 100 op haar beleggersrekening.

Interessant weetje:

Op Euronext noteren dagopties, weekopties en maandopties op de beursindices AEX en CAC40. (Ook wel op de Bel20 maar er is zo goed als geen liquiditeit. Afblijven dus.)

De contractgrootte voor een optie op de AEX is 100. Dit geldt voor de maand-, week- en dagopties.

Voor een mini-optie op de AEX is de contractgrootte 10. Dit zeggen dat de onderliggende waarde van een AEX mini-optie 10 x de AEX index bedraagt. Aan een AEX koers van 515 is grootte van het contract € 5.150.  Opgelet met de mini opties: de liquiditeit kan ook hier bedroevend laag zijn.